column

2013 2012 2011 2012 2011 2012 2010 2009 2008 2007 2006

Over de waarde van cultuur

Pistoletto Kröller-MüllerDe Nederlander is op dit moment aan het bedenken in welke overheidsuitgaven gesneden kan worden. Volgens een onderzoek van Synovate voor het televisieprogramma Nova (april 2010) vinden zes op de tien Nederlanders dat vooral op ontwikkelingssamenwerking, defensie en kunst en cultuur bezuinigd kan worden. En dat is geen leuk bericht voor de cultuurwereld, zeker niet met parlementsverkiezingen in het vooruitzicht. Het ministerie dat verantwoordelijk is voor onderwijs, cultuur en welzijn geeft op dit moment 50 euro per hoofd van de bevolking uit aan kunst en cultuur, zo’n 800 miljoen euro. Provincies en gemeenten hebben daarnaast hun eigen geldstromen in de richting van cultuur. Het gaat in totaal per jaar om enkele tienden van procenten aan gemeenschapsgeld. Dit geld heeft er o.a. voor gezorgd dat het effect van cultuuruitingen is vergroot en dat steeds meer mensen er mee in aanraking kwamen.
De waarde van cultuur laat zich lastig vaststellen. Dat ze voor werkgelegenheid zorgt en een motor voor toerisme en economische groei kan zijn laat zich nog wel meten, maar het vereist enige overtuiging dat ze bijdraagt aan de bevordering van kwaliteit van leven, aan het verbreden van de horizon, het scherpen van de geest, het prikkelen tot creativiteit, de aantrekkelijkheid van een land voor buitenlanders en een trots gevoel voor de eigen bewoners. Cultuur staat voor beschaving en de kwaliteit daarvan heeft directe invloed op het fatsoen waarmee we elkaar in het dagelijkse leven tegemoet treden, is mijn stellige overtuiging.
De geschiedenis van de menselijke beschaving laat zien hoe de mens loskomt van zijn omgeving en actief de confrontatie met het onbekende aangaat. Twee gebeurtenissen van de afgelopen maanden hielden ons een spiegel voor die indringend duidelijk maakte wat de waarde van dat beschavingsproces is: de vondsten van versierde struisvogeleieren van 60.000 jaar geleden en van de Venus van Hohle Fels, 35.000 jaar oud. Fascinerend om te zien en om je te realiseren dat je zo dicht bij het ontstaan van de mens als homo sapiens kunt komen. Deze magistrale uitingen zijn ongetwijfeld zonder cultuursubsidie tot stand gekomen, maar mede dank zij subsidies zijn ze gevonden, verzorgd en worden ze blijvend vertoond. Het uitdagen van het onbekende vindt nog steeds plaats: in dat opzicht zal de mens nooit ‘klaar’ zijn.
Dat er niet één partij verantwoordelijk is voor de stand van de cultuur, lijkt me duidelijk en dat de bijdrage van de vrije markt daarbij kan groeien, hebben we in de laatste decennia geleerd en dat is goed. Hier gaat het mij er om dat ook de overheid een verantwoordelijkheid heeft. Jarenlang is er discussie over gevoerd of het cultuurbudget niet minimaal 1% van de rijksbegroting zou moeten bedragen, maar in de achter ons liggende ‘vette’ jaren hebben de kunsten in Nederland daar niet veel van gemerkt. Is het dan redelijk om nu wel te bezuinigen? Zal dat bijdragen aan het verlichten van de gevolgen van de crisis? Schoffelen in de subsidiestructuur kan natuurlijk nooit kwaad, want een levendige cultuur is niet gebaat bij vastgeroeste patronen. Om de geldkraan, echter, verder of helemaal dicht te draaien lijkt me pure destructie, waarvan het negatieve effect voor het algemeen welzijn vele malen groter zal zijn dan de miljoenen die het op korte termijn oplevert.

Evert van Straaten
Mei 2010

Afbeelding: Michelangelo Pistoletto, Venus van de vodden (1967-1982)